Ga naar de inhoud
  1. Volgen
    • Dit betekent: kijken, wachten en luisteren naar wat het kind doet, zegt, gebaart of probeert te communiceren.
    • Niet meteen corrigeren of sturen — volg het kind in z’n beleving en initiatief; probeer te begrijpen wat hij/zij bedoelt.
  2. Aanpassen
    • Pas je eigen communicatie (taalgebruik, intonatie, tempo, beurten) aan op het niveau en de manier waarop het kind communiceert.
    • Dat betekent bijvoorbeeld: korte zinnen, eenvoudige woorden, aansluiten bij het onderwerp dat het kind kiest, op ooghoogte gaan zitten/spelen.
  3. Toevoegen
    • Wanneer je genoeg hebt gevolgd en aangepast: voeg dan taal toe die passend is bij de ontwikkelingsfase van het kind — woorden, zinnen, beschrijvingen, commentaar, uitleg. Zo breid je het taalaanbod en de communicatie-invloed subtiel uit.
    • Dit kan via dagelijkse activiteiten: benoem wat je samen doet, beschrijf wat je ziet, reageer op signalen van het kind, breid uit wat het kind zegt

Waarom zijn deze principes belangrijk in beginnende communicatie

  • Ze ondersteunen kinderen op hun eigen niveau: door te volgen en aan te passen, voorkom je overbelasting en spanning door taal die te moeilijk is.
  • Door stap voor stap taal toe te voegen, wordt taal geleidelijk ingebouwd — wat het leren en begrijpen vergemakkelijkt.
  • Het bevordert natuurlijke, speelse en betekenisvolle communicatie: het kind voelt zich begrepen, er is ruimte om zelf initiatief te nemen en de interactie verloopt op basis van interesse, plezier en beleving van het kind. Dit motiveert en dat maakt de kans op groei en succes vele malen groter.

Het is van heel groot belang en een enorme meerwaarde om jou/jullie als ouder(s) te coachen om met deze vaardigheden te groeien en zo op alle momenten de taal en communicatie van jullie kind te kunnen stimuleren!

Coaching van jou als ouder is een belangrijk onderdeel